Mobile learning binnen e-Learning

De laatste bijeenkomst van de post HBO opleiding e-Learning op 7 mei zal in het teken staan van mobile learning. Aangezien mobile een trend is die de komende jaren steeds verder zal doorzetten ben ik erg benieuwd naar het programma. Naast Marcel zal Fons van de Berg  http://www.linkedin.com/in/seegenius ieder inwijden op het gebied van mobile learning.
De avond wordt geopend met een video: “gouwe ouwe, en de gouwe nieuwe”. (erg leuk!) 

Een PowerPoint zal ons door het eerste stuk van de avond meenemen….

Allereerst wordt er ingezoomd op de definitie van mobiel leren. Het komt er op neer dat dit het  faciliteren van leren en lerend werken is via mobiele apparatuur.
Project google glass maakt het mogelijk om film op te nemen met een kleine camera aan een bril. De camera is met stem te besturen.
http://nl.m.wikipedia.org/wiki/Google_Glass. Een voorbeeld van zo'n opname is hieronder te zien.

Deze toepasing kan in het onderwijs onder andere ingezet worden voor het opnemen van beroepshandelingen, intervisie, proeve van bekwaamheid, portfolio etc etc. Privacy is en blijft bij google glass een lastig verhaal. Er volgt een korte discussie over de laptop: "hoort die nu wel of niet bij de mobile devices." Volgens Marcel niet; mobile devices dienen persoonlijk te zijn, verder snel te pakken en snel te gebruiken. Ik ben van mening dat een ultrabook waarbij het scherm afneembaar is bij de mobile devices hoort. De aanpak van het leren via mobile devices dient bij het device te passen. Het gaat om de impact van leren, om iets voor elkaar te krijgen. De kern draait om een juiste educatieve aanpak.

Je kunt een viertal categorieën aan digitale interactie onderscheiden. De cursisten wordt gevraagd om bij elke categorie enige toepassingen ikv mobile learning te noemen. Een greep:

  1. Content: instructiefilm, reader, geluid, luisterboeken, 
  2. Capture:  foto's maken, filmen, schermopname, voiceover
  3. Compute: verpleegkundig rekenen, geocoaching, persoonlijke prestaties vastleggen, 
  4. Communicate: interactie met anderen, skype, taal-leren en videoconferentie.

Interactie met een mobile device en een webite kan op twee manieren plaatsvinden.

  1. Met een app die het tevens mogelijk maakt om het mobile device aan te sturen. (maak foto, zet gps aan oid)
  2. Via html5 is nog niet zover dat dit in staat is om mobile devices aan te sturen. Dit zal in de nabije toekomst wel het geval zijn.

Ook is het mogelijk om te browsen met een mobile device. Een webpagina dient dan ingericht zijn op basis van "responsive design": De webpagina wordt dan op meerdere schermgroottes getoond op basis van het device waarmee de webpagina bekeken wordt.

Een mooi mobile naslagwerk op gebied van mobile learning is de M-learning guide: http://mlearn.adlnet.mobi

Een voorbeeld van een pakket wat mobile content kan maken is storyline http://www.articulate.com/products/storyline-overview.php. Dit pakket kan mobile content maken en opslaan in de vorm van html5, scorm, flash, ios app en een android app. Een voorbeeld van een mooi stuk content wat gemaakt is met storyline“Interactive broken co-worker “ http://www.brokencoworker.com/)

brokencoworker

Bij de inzet van mobile learning dient er direct de verbinding gemaakt te worden met een eigen praktijksituatie of eigen werkplek. Hier kunnen directe vragen in de praktijk of kleine instructiefilms afgespeeld en ingezet worden.

Na de pauze neemt Fons van de Berg ieder mee naar de app Nearpod op een iPad. Nearpod staat voor ieder in de Apple Appstore klaar om te downloaden. Voor het android platform is er een betaalde app beschikbaar.(http://www.nearpod.com/nearpod-for-android/) Via een browser is nearpod op android en laptop prima in te zetten.(http://ws.nearpod.comNearpod is een leuke oplossing om face tot face een presentatie en een groep te besturen.Fons gebruikt deze app regelmatig als presentatietool. Fons stelt: uitsluitend leren via e-Learning bestaat niet, het is leren soms (mobiel) digitaal en vaak nog analoog. De invloed van tablets en leren komt steeds meer aan de consumentenkant te liggen.(consumeralisation of technology & learning.) Een taal, bijvoorbeeld Spaans, leer steeds meer via een app die een luttele 1.10 € kost. Iedere Google opdracht is vaak een vraag om te leren. Formeel leren is hetgeen wat vanwege het civiel effect via een erkende organisatie ingeregeld dient worden.

In een onderzoek van de firma Apple blijkt dat de student van tegenwoordig vraagt om: sociaal leren, leren op basis van hun mobiele lifestyle, het meer aanpassen aan het individueel leren en het leren via samenwerken en teamwork. om te voldoen aan deze studentvraag dient de onderwijsgevende van tegenwoordig voldoende digitale bagage te hebben.(  http://www.21stcenturyskills.nl/).

Een inventarisatie op gebied van gebruik van Appleproducten geeft aan dat deze binnen de organisaties van de diverse cursisten beperkt in gebruik zijn. Jammer dat er in algemene zin binnen het onderwijs zo weinig geinnoveerd wordt. Er volgt een verhaal over de filosofie van Apple, hun baanbrekende producten en de aanpak voor onderwijsondersteuning. De Iphone, ipad, ibook en de imac komen voorbij.

ipad_iphone_ibook

Ik ben van mening dat het jammer is dat het begrip "mobile learning" door Fons met name vanuit de firma Apple en met een iPad belicht kan worden. Zoals Fons zelf aangeeft: "Het is van belang om te kiezen voor een onderwijsconcept en niet voor een leverancier."

Leren is soms (mobiel) digitaal en nog vaak analoog. En zo is het maar net.

Bezoek aan Bright Alley in Utrecht

Ongeveer een maandje geleden hebben we vanuit de Post HBO opleiding e-Learning van Fontys een bezoek gebracht aan Bright Alley te Utrecht. In de weken die volgden ben ik erg druk geweest met het project: “de uniforme inrichting van Fronter”. Fronter is de elektronische leeromgeving die in gebruik is bij het Summa college. Nu het wat rustiger is heb ik de tijd om een blogpost te maken van dit leuke bezoek.
Jeroen Kelder http://www.linkedin.com/pub/jeroen-kelder/1/222/b5b  e-Learning consultant van Bright Alley is vanavond onze gastheer.  

jeroen_baSamen met Amarens Bakker http://www.linkedin.com/in/amarensbakker neemt hij ieder mee naar de wereld van Conclusion en Bright Alley. 

amarens_ba

De uitdaging van beiden is het vertalen van klantvragen naar een oplossing, een leuke afwisselende en uitdagende klus. “Definieer een oplossing met een passend concept  en passend bij de beschikbare resources. Tijdens een kop koffie wordt er allereerst gesproken over het werken en de werkomgeving  binnen  Bright Alley en Conclusion (http://www.conclusion.nl/). Een werkomgeving met voldoende te eten, veel spiritualiteit en muziek. Het gebouw en bijbehorende aankleding is uniek te noemen.

51541842

Bright Alley maakt campagnes voor grote multinationals zoals Tele 2, verzorgt opleidingen en HR trainingen maar heeft ook een tak op gebied van online leren. Op de website van Website Bright alley, (http://www.brightalley.nl ) staat de ondersteuning van organisaties op gebied van online leren centraal. De online learning tak heeft 60 medewerkers met verschillend expertise. (http://www.brightalley.nl/brightalleyweb/#url=BrightAlley/Onze mensen.aspx ) De klant levert de inhoudsexpertise aan. De grootte van het bedrijf is tegelijkertijd het unieke. (we kunnen alles aan). De  kracht zit in het vertalen tot een compleet didactisch e-Learning concept.  Vanuit dit concept stelt Bright Alley een  business case op. Ze definiëren vervolgens de  leerdoelen en maken zelf bijbehorende  content. De ontwikkelde content dient een afwisselende vormgeving  te krijgen gestyled met de look & feel van de klant. Het bouwen en test en acceptatie traject verloopt vaak via rapid prototyping. Samen met de klant snel in gezamenlijkheid bouwen naar een resultaat toe. Aan het einde van het traject kan men dan een feestje vieren i.k.v. opgeleverde prestatie. Van start tot einde moet je snel rekening houden met een tweetal maanden. Verder is een investering van een 200 uur vanuit de klantzijde reëel te noemen. Eis je aandacht van de klant op in een meegaande werkwijze. Schrijf vooraf op wat het aan uren kost om de inhoud te beschrijven.
Amarens vult aan: ROC Deltion wordt geholpen om efficient e-learning content te ontwikkelen. Er worden templates gedefinieerd, twee modules gemaakt en een blended learning concept gemaakt. ROC Deltion kan op deze wijze in huis een e-learning ontwikkelstraat gebruiken om eigen materiaal te ontwikkelen.

Jeroen laat diverse klantoplossingen zien. Bijvoorbeeld  een training gemaakt voor C1000. Mocht je meer willen zien? De website van Bright Alley staat bol van klantoplossingen.  

c1000_bright_alley

Bij Bright Alley kent men een drietal gradaties wat betreft kostengebied

  • Level 1: beperkte interactie, 15.000-25.000€
  • Level 2: extensieve interactie, 25.000-50.000€; 
  • Level 3: complexe interactie, 40.000-200.000€.

Voorbeelden van level 3 zijn gaming en interactive mobile learning. (bv: https://www.oibchallenge.nl/Is de core van de game engine al beschikbaar (bestaat er dus al zoiets) dan valt het onder het level 2 qua kosten.

Het was een leuke ervaring, eens een keer bij de grote jongens in de keuken kijken…

Student, U bent mijn boterham, ik zal hem smeren.

Afgelopen zaterdag viel het Summa magazine bij alle medewerkers op de mat.Dit magazine bevatte deze keer een column van mijn hand. De column was getiteld: " Student, u bent mijn boterham, ik zal hem smeren." De inhoud is hieronder te lezen.

Die wijze woorden werden een tiental jaren geleden uitgesproken in een onderwijssketch tijdens een jaarafsluiting. Diverse onderwijsgevenden stonden te lachen met een glas in de hand. Anderen zag ik in overpeinzing. Onderwijsgevenden hebben een zwaar beroep. Vaak een eenzame baan. Een klus waar je elke dag een aantal one-man shows geeft voor een wisselend publiek. Uitdagend, vermoeiend en soms topsport .

Als het slecht gaat met een groep, moet je dat veelal in je eentje dragen. Je collega's houden de schijn op dat ze kunnen lezen en schrijven met die klas. En misschien is dat ook wel zo, maar toch. Er rust een taboe op al te grote eerlijkheid. Je hebt het rituele gemopper in een docentenkamer, maar dat is iets anders dan toegeven dat je er niet meer uitkomt. Ik heb collega’s gezien die er niet meer tegen konden, naaste collega's bij wie ineens de rek eruit was als bij een oude sok. Dan heb je de ene klas overleefd en stoomt de volgende alweer binnen. Je kan je niet verstoppen, er is geen dekking. Het publiek in de klas is in de loop der jaren veranderd. Mondiger, veeleisend, korte spanningsboog  en dito lontje. Vaak continue verbonden met het Internet. Berichten via What’s app, Instagram en Facebook vliegen in de rondte.

Bij een andere roc trof ik onlangs een aantal onderwijsgevende 50 plussers. Ze spraken enthousiast  over mogelijkheden om hun lessen te larderen met gratis in te zetten onderwijstools via het Internet. Een enthousiaste collega met enige ervaring op dit gebied had hen die aangereikt. In een klein groepje waren ze aan het experimenteren met mindmaps, kruiswoordpuzzels,  memory, enquêtes , foto en videobewerking op het Internet. Het resultaat werd via linkjes in de elektronische leeromgeving van het roc vrijgegeven voor studenten. Ze waren verrast door een publiek wat het onderwijs via deze bij-de-tijdse aanpak kon waarderen. Student, U bent mijn boterham, ik zal hem smeren….

E-Learning en elektronische boeken

Pierre Gorissen (http://nl.linkedin.com/in/pierregorissen) trapt vandaag tijdens een bijeenkomst horende bij de post-HBO opleiding e-Learning van Fontys om 18:00 af met een korte introductie op het gebied van elektronische boeken. Vanavond nemen we de wondere wereld van elektronische boeken eens goed onder de loep.

Pierre_Gorissen

De diverse cursisten delen allereerst hun persoonlijke ervaringen op het gebied van devices en digitale boeken. Opvallend veel cursisten lezen op een ipad met behulp van de app ibooks. Een enkeling leest tevens op de telefoon.met enige regelmaat klinkt:"Het is lastig lezen op een klein scherm". Als alternatief neemt men gewoon een traditioneel boek ter hand. Een enkeling geniet van de betere kwaliteit van e-ink in een e-reader.
Pierre neemt ieder een 4-tal jaren mee terug naar de start van zijn promotietraject. Hij had een grote hoeveelheid digitale artikelen om door te lezen. In Amerika kocht hij daarom een van de eerste e-readers . 

amazon kindle

Die e-reader (amazon kindle, kostprijs destijds 400 €) was er een met een fors A4 formaat. De op de e-reader actieve E-ink verbruikt in tegenstelling tot andere apparaten geen extra stroom voor bv. backlight en is daardoor energiezuinig. De kracht van een e-reader is tegelijkertijd zijn tekortkoming. Je kunt namelijk met een e-reader alleen lezen, geen bestanden aanpassen. Na aanschaf van de iPad en andere tablets kwam daarom de e-reader in de kast te liggen. In de dagelijkse praktijk tref je diverse mogelijkheden om te kunnen lezen. Hieronder tref je een overzicht aan met opties en bijbehorende  kenmerken.

  • Een boek op papier handig formaat, een  prima accuduur, eenvoudig te delen, snel bladeren, goedkoop en zwaar.
  • Een smartphone is licht, altijd bij je, mobiel, multimedia, klein schermpje en slechte accuduur.
  • Laptop, tablet: multifunctioneel, multimedia, groot scherm, wifi, een slechte accuduur,
  • Tablet, licht: redelijk te lezen, snel opstarten, mobiel, multimedia, duur, redelijke accuduur,
  • E-reader: accuduur, prettig te lezen, licht, geen multimedia, kwetsbaar, single purpose.
  • Autoradio: mp3 speler en luisterboek: licht, handsfree, geen beeld, moeilijk te bladeren, lager aanbod.

Digitale documenten in het onderwijs zijn aan te treffen in de vorm van digitaal lesmateriaal, verdiepingsmateriaal, achtergrondmateriaal en materiaal gemaakt door studenten. Pierre geeft een demonstratie van de applicatie iBooks, mooi om te zien, echter uitsluitend beschikbaar voor de ipad.( http://ictoblog.nl/2012/09/26/ibooks-versus-epub ) Mocht je als onderwijsinstelling kiezen voor de inzet van ibookauthor en het resultaat de ibook kies je dus definitief voor een hardware platform (ios). Dat is wellicht geen slimme keuze voor de lange termijn. Wil je namelijk op enig moment kiezen voor het fenomeen “bring your own device” levert je dat een gat aan content en bijbehorend kapitaalverlies op. Pierre demonstreert hoe je met ibooks eenvoudig literatuurverwijzingen, bladwijzers en highlights in een boek maakt. Diverse andere formaten aan elektronisch boek passeren de revue. Ibook, epub, pdf, kindle en enige minder bekende.

De cursisten gaan op het web op zoek naar e-books en delen hun ervaringen. Door wat "ins blaue hinein" te googlen is het in de dagelijkse praktijk maar afwachten in welk formaat wat je aantreft. (papier, pdf, epub, kindle en anders). Het type formaat boek bepaalt tevens het type aan bijbehorende leesomgeving. Er is op dit moment geen eenduidige standaard die voor alle devices. Digitale boeken zijn relatief duur en kennen geen tweedehands markt. Diverse boeken bevatten een versleuteling, drm genaamd (apple, amazon en adobe) Adobe digital editions,is de tool om de adobe DRM versleuteling te kunnen lezen. (http://www.adobe.com/nl/epaper/features/drm/howdrmworks.html ) In de praktijk lopen de diverse drmbeveiligingen elkaar op hetzelfde device te frustreren. Gelukkig zijn diverse mogelijkheden bekend om die beveiliginge te omzeilen. Dit is echter volgens de wet verboden. Naast de DRM beveiliging is er een soort aan watermerkbeveiliging. (http://www.ereaders.nl/18120901_ebook_nl_verkoopt_ebook_met_watermerk ) In de epub staat een niet zichtbare code die het mogelijk maakt om de koper te traceren die het bronbestand met anderen deelt. De verschillen in ebook apps, formaten, beveiligingen en platformen zorgen voor een electronische boekenoerwoud waar velen in verdwalen.

Het Apple platform biedt op dit moment meer mogelijkheden dan andere platformen. Android en Windows volgen Apple op de voet. Bijvoorbeeld: de Apple-app Kiosk kent een Android variant genaamd zinio-magazinereader (https://play.google.com/store/apps/details?id=com.zinio.mobile.android.reader&feature=search_result#?t=W251bGwsMSwxLDEsImNvbS56aW5pby5tb2JpbGUuYW5kcm9pZC5yZWFkZXIiXQ.. ) Een Windows app is op dit moment beschikbaar zijn of zal snel volgen. Pierre laat zien dat een epub niets meer is dan een zipfile met wat html en plaatjes erin. De drm beveiliging zorgt voor een versleuteling van die html bestanden. De opmaak (stylesheet) van de html veroorzaakt de verschillen binnen de diverse digitale formaten. Met de open source applicatie calibre  (http://calibre-ebook.com/ ) is het mogelijk om boeken van het ene formaat naar het andere formaat te converteren. Calibre ondersteund veel formaten. Het is mogelijk om van een worddocument, via het opslaan als webpagina, gefilterd, en aansluitend inlezen in calibre een epub te maken. Die epub is aansluitend te lezen op diverse devices. De applicatie Sigil (https://code.google.com/p/sigil/ ) maakt het mogelijk om de inhoud van een epub aan te passen en weer op te slaan. Pierre demonstreert Calibre en Sigil alsof het zijn dagelijkse werk is.

Cover_3DHet boek Electronische boeken in het onderwijs van Pierre is voor ieder die nog meer wil weten van elektronische boeken als verplichte kost aanbevolen. Op Pierre's ICTO blog kunje het boek via itunes en als epub downloaden. (http://ictoblog.nl/2012/04/24/workshop-elektronische-boeken-in-het-onderwijs-handleiding )

Van harte aanbevolen!

Een nieuwe versie van eXelearning is beschikbaar

Vandaag ontving ik een e-mail met een bericht over het open source pakket eXelearning. Met eXelearning is het mogelijk om digitaal lesmateriaal te maken. Het pakket exporteert diverse formaten (html, scorm) aan content.

De e-mail was afkomstig van een Spaanse heer genaamd Antonio Monje Fernandez (Director of the Curricular Development on non-Propietary Systems National Center – CEDEC) and eXeLearning.net coördinator.

antonio

In de e-mail was te lezen:Op 11 maart jongstleden heeft een nieuwe versie van eXelearning 1.04.1 het licht gezien. Sinds 2008 is het pakket niet meer significant aangepast. Gemak, eenvoud, stabiliteit, bruikbaarheid en het opnemen van nieuwe functies geven deze versie van eXeLearning grote meerwaarde. Deze versie maakt het tevens mogelijk om in elke browser (die als standaardbrowser ingesteld is) met EXelearning  te werken. Sinds enige tijd hebben verschillende instellingen ( Intef , CEDEC , ULHI , Tknika , een leven lang AndalusiëGalicië Ministerie van Onderwijs , ministerie van Onderwijs van de regio Murcia , Open phoenix , …) en een groep met partners en gebruikers gewerkt om eXeLearning actueel houden en uit te breiden.

Download hier de nieuwe versie van eXelearning en ervaar in hoeverre de nieuwe versie daadwerkelijk voordelen oplevert. 
Met vriendelijke groet, Antonio,

Een eerste voordeel heb ik reeds mogen ervaren. Deze versie van het gratis pakket werkt nu stabiel en snel onder Windows 7. De vorige versie werkte prima onder Xp, onder Windows 7 wat minder stabiel. 

Voor een basishandleiding van het pakket klik hier

Succes met uitproberen, het is meer dan de moeite waard!

Een ontwikkeldag e-Learning

Vandaag was mijn agenda de gehele dag geblokt. Het item wat er als enige in die agenda stond was “werken met tools om e-Learning materiaal te maken”. Het leren omgaan met deze tools maakt een deel uit van de opleiding e-Learning bij Fontys. Binnen diverse eindopdrachten dien je e-Learning materiaal op te leveren. Aan de bak!

Marcel start zoals gewoonlijk met een PowerPoint om bij alle cursisten een fundering aan basiskennis te leggen. Voor het maken van complete webbased trainingen zijn diverse applicaties als auteurstool in gebruik: Lectora, Easy generator, Wimba Create, Udutu, etc. Voor het maken van schermfilms zijn Camtasia,  smartbuilder, Snag-it maar ook pakketten als Screenr in te zetten.

Op het zoekscherm van via de site: http://search.creativecommons.org/ kan te hergebruiken materiaal gevonden worden. Creative Commons is 'some rights reserved'. Dus bijv. Bronvermelding is verplicht. Je hebt daarin nog een aantal variaties. Dit materiaal is vervolgens te verwerken tot e-Learning materiaal in bovengenoemde auteurstools. Alle cursisten zoeken op basis van een “creative commons search” een viertal plaatjes. Met het online programma Picmonkey (http://www.picmonkey.com/ ) worden de gevonden plaatjes allereerst aangepast. Picmonkey is in staat om verbluffend snel clip-art aan te passen. De meest gangbare bewerkingen van een fotobewerkingsprogramma zijn op Picmonkey terug te vinden. Voor mij een verrassing en een aanrader!

Alle cursisten gaan aansluitend een korte schermfilm maken met online programma Screenr. (http://www.screenr.com/)  De diverse  voor- en nadelen van werken met een online applicatie worden met behulp van Screenr besproken. (je hebt altijd laatste versie van het pakket, applicatie veelal apparaat onafhankelijk, Let op bij “gratis”: waar blijft mijn data en wie is de eigenaar ervan? Ieder om mij heen is aan het klikken en murmelt wat tegen de laptop bij het maken van een eerste filmpje  bij screenr . Marcel demonstreert aansluitend screenflow, een Apple tegenhanger van het PC pakket Camtasia. Op de vraag: “hoe leer ik werken met dit soort pakketten” is het antwoord: “Youtube, daar tref je veel instructiemateriaal aan”

Marcel demonstreert het pakket Snag-it ( http://www.techsmith.com/snagit.html ). Hiermee kun je snel screenshots maken en bewerken. Een ideaal pakket! Bij het Summa College hebben we Snag-it als applicatie in gebruik en kan uit eigen ervaring dat alleen maar beamen. Op audiogebied gaan we vervolgens zelf aan de slag met het gratis pakket “audacity” ( http://audacity.sourceforge.net/?lang=nl ) het ziet er wat rommelig uit maar het pakket heeft veel mogelijkheden. Je kunt, als je klaar bent met bewerken, je audiobestand opslaan als een mp3 bestand wat je aansluitend kunt uitserveren als een podcast (http://programma.vpro.nl/deavonden/service/Podcast.html ). Marcel demonstreert hoe je met audacity een opname maakt en aansluitend een onbedoelde  “uhh” eruit “knipt”. Audacity staat standaard ingesteld op het maken van een opname met cdkwaliteit (44.1 Khz). Door de samplerate te verlagen zal de bestandsgrootte aanzienlijk verkleind worden. Op slideshare is het mogelijk om de, met audacity gemaakte, mp3 een slidecast te maken. Je gaat dan de ingesproken tekst toevoegen aan een eerder in slideshare geüploade PowerPoint.

Na de lunch neemt, de aangeschoven,  Peter Meerman (managing director inBrain http://www.inbrain.nl/ )  alle cursisten mee naar een werksessie met het pakket Easygenerator http://www.easygenerator.com/ . Peter geeft leiding aan een kleine club van mensen die e-Learning maken en implementeren. inBrain werkt samen met ISM bij een aantal grote klanten  http://ismelearning.nl/NL/E-learning-projectenPeter vindt het van belang dat e-learning aansluit op adaptief onderwijs. Van contentgerichte e-Learning naar resultaatgerichte e-Learning is steeds meer het devies. Een verschuiving van wat  moeten mensen weten naar wat willen mensen weten. De technische mogelijkheden in e-Learning vliegen met sprongen vooruit. Technologisch gezien is er zelfs zoveel mogelijk dat continue de vraag rijst wat moet ik kiezen. Er is een groot aanbod lokaal en online. Je ziet door de bomen het bos niet meer.

niet vrolijk van

Daarnaast groeit een massa van bij de diverse applicaties behorende  wachtwoorden. Daar wordt ik nu niet zo vrolijk van. Mogelijk heeft iemand daarvoor een suggestie?

De huidige crisis heeft op dit moment een grote impact op de kosten van het maken van e-Learning en het op te leveren resultaat. In het boekje van clive sheperd, the new Learning architect http://www.amazon.com/The-Learning-Architect-Clive-Shepherd/dp/1446769801 is een overzicht  aan te treffen van de diverse vormen van leren en hun context.  Easygenerator maakt klassieke e-Learning, lesmateriaal wat geclassificeerd kan worden als een vorm van non – facilitated e-Learning.  Peter hoopt dat klassieke e-Learning  op termijn wat meer zal verschuiven naar een vorm van interactieve  persoonlijke e-Learning. Easygenerator maakt lesmateriaal wat op enig moment geëxporteerd moet worden. Deze export is vaak als een  scormpakket. Van een lerende zal het scormpakket formele leerresultaten opslaan in de leeromgeving. Alle cursisten zijn ondertussen ingelogd in Easygenerator http://www.easygenerator.com/ . Met een aantal voorgedefinieerde plaatjes en teksten op gebied van steden en stadsbeschrijvingen is het mogelijk om in Easygenerator snel wat aan e-learning materiaal te maken. Via het aanmaken van “een cursus, het vullen van pagina’s en toevoegen van een toets” krijgen we  grof een beeld van de applicatie. Met het uitdelen van een boekje vijfentwintig veelgestelde vragen over e-Learning wordt de sessie rondom Easygenerator afgerond. Peter bedankt!

Als afsluiter van de dag wordt er met het gratis pakket Photo Story geoefend (http://www.microsoft.com/downloads/nl-nl/details.aspx?FamilyID=92755126-a008-49b3-b3f4-6f33852af9c1 ) Dit pakket maakt het mogelijk om gesproken tekst te combineren met diverse  foto’s die passeren. In hele korte tijd wordt er al een bruikbaar resultaat gecreëerd. 

Naast me zat Jo Geesink die in 3 minuten tijd (helaas zonder fatsoenlijke microfoon) deze videoimpressie maakte. Let wat minder op de inhoud en met name op de snelheid van maken.

Probeer  het zelf maar eens……het is gratis!

Leerstijlen en e-Learning

Afgelopen dinsdag was een drukke dag. Veel overleg, het uitwerken van een projectplan uniforme inrichting Fronter, samen met anderen daarvoor de benodigde besluiten nemen en tevens soesjes uitdelen (tja,tegelijkertijd dan ook nog jarig zijn). Die avond was er een webinar over leerstijlen en e-learning. Dit webinar was een online sessie behorende bij de opleiding e-Learning van Fontys. Nagenoeg alle cursisten waren online aanwezig en ingelogd in de web-applicatie Adobe connect. Onze docent Marcel de Leeuwe was jammergenoeg verstoken van draadloos internet. Hij zat thuis in de gang en was met een netwerkkabel verbonden met zijn router.
Het webinar nam een aanvang met de vraag naar een definitie van leerstijl en student. Het kwam er na verloop van tijd op neer dat een leerstijl overeenkomt  met een voorkeur van een student voor een bepaalde manier van leren.

leermodel

Nu zijn er diverse theorieën rondom leerstijlen te noemen; Kolb ( de meest bekende) ,Vermunt, Myers-Briggs, Gardner en anderen. Op deze pagina tref je een heel scala aan theorieën en bijbehorende testen aan. http://softskills.kennisnet.nl/themaprofessie/leerstijlen. In mijn tweedegraads opleiding tot leraar, meer dan 30 jaar geleden, werd er nauwelijks over leerstijlen gespreken. Via een eenheidsworst diende elke student zijn opleiding te doorlopen. Het begrip variatie in relatie met leerstijl kan ik me niet echt meer herinneren. Typisch geval van Alzheimer light? Tijdens de avond werden de diverse leerstijlen en bijbehorende kenmerken besproken. Aansluitend werd de focus op het whole brain thinking model gezet. Dit model bevat een viertal kwadranten waarbij je als lerende op basis van je leervoorkeur binnen diverse kwadranten zult scoren.

kwadrant1

Rekening houdend met de diverse studenten en hun leerstijl zijn aansluitend diverse e-learning tools onder te brengen op basis van die kwadranten. 

e_learning activities

Om op basis van een eigen leerstijl, bijbehorend studentspecifiek lesmateriaal te creëren is nagenoeg onbegonnen werk en onbetaalbaar. De aanpak van “een schot e-Learninghagel op basis van diverse leerstijlen en liefst met scherp afgevuurd ” is veelal de meest optimale. In het achterhoofd continue rekening houden met diverse studenten en elementen bijbehorende bij hun leerstijlen is de boodschap die me tijdens die avond bijgebleven is.

E_learning elementen

Zorg dat je e-learning materiaal elementen bevat uit de diverse kwadranten. Toets structureel je e-Learning materiaal op inhoud en variatie van deze e-Learning elementen in relatie met de bovengenoemde kwadranten.

pastedGraphic 5

Jaag dan dat schot e-Learninghagel op basis van diverse leerstijlen eruit en stel indien nodig tijdig bij.

Tools en leerstandaarden op het gebied van E-Learning

Op dinsdag 5 februari werd de bijeenkomst in het kader van de opleiding e-Learning bij Fontys geopend met een eerste eigen videoproductie van medecursist Ronald van Elst. Voor een studiedag van ROC Midden Nederland wordt deze als teaser ingezet. Erg leuk en mooi gemaakt! Naast de film maakt men bij ROC Midden Nederland gebruik van een site (www.mytaggle.nl ) De info van deze dag, zoals workshops, programma, sprekers etc. wordt via die site en een mobiele app gratis op alle bekende platformen gedeeld.

 

Marcel opent de avond allereerst met een film uit 1966 met een toekomstvisie over de inzet van de computer. In een korte tijd is deze uitgegroeid tot een veelzijdig apparaat met veel tools om te kunnen creëren.

Wat zijn tools op gebied van e-Learning? Wat zijn leerstandaarden? Deze onderwerpen staan centraal in het programma van deze avond.

 

In de video hierboven zie je Bob Ross, een vakman die met een paar penseelstreken snel wat moois maakt. In de video lijkt het  eenvoudig echter in de praktijk is het vaak heel wat moeilijker dan het lijkt. Zo ook bij het maken van een stuk e-Learning. Een stuk gereedschap is slechts een hulpmiddel. Een script, idee en de uitwerking ervan kosten vaak veel meer tijd dan het daadwerkelijk produceren van de content. Deze tijd zien opdrachtgevers over het algemeen niet. Die tijd dien je wel degelijk in de oplevertijd mee te tellen.
Een mooie tool om te leren is de 100 $ laptop; one laptop per child. http://one.laptop.org/  Deze is helemaal ontworpen en gevuld met open source software wat dient als tool om kinderen op een goedkope wijze in moeilijke omstandigheden mee te laten leren.
Het gebruik van tools heeft altijd een risico in zich. Dat het niet werkt, te ingewikkeld is of voor de persoon die een tool gebruikt niets toevoegt.  Een van de redenen om naar externe partijen te stappen. Het extern laten maken van content blijkt in de praktijk vaak niet op de eigen organisatie te passen. Het zelf te maken past dan meestal wat beter. Bezuinig in dat geval dan niet op de in te zetten tools. Je haalt namelijk  vaak een aantal uren via efficiëntie terug. Die gewonnen uren dien je nadrukkelijk in een business case mee te tellen.

Marcel toont een demo van een e-learning module van de bloemenverkoper. Dit is een trainingsmodule om een verkoopgesprek, droog oftwel zonder een echte klant, te kunnen oefenen. De module kent een aantal situaties waarin de verkoper een keuze dient te maken. Een aantal juiste keuzen leiden tot de daadwerkelijke verkoop. Indien de verkoper een tweetal verkeerde keuzes maakt zal de “digitale klant” afhaken. Advies: kies maximaal een zestal situaties met bijbehorende eenvoudige processtappen om dit soort modules in elkaar te zetten. Marcel neemt vervolgens ieder mee naar webquests, een eenvoudige digitale tool om studenten een uitdagende opdracht op eigen wijze uit te laten werken. http://www.leraar24.nl/dossier/546/webquest Onder het motto: “digitale tools hoeven niet complex te zijn om er veel profijt van te hebben.”

 

In de film hierboven hebben militairen die uitgezonden worden naar Afghanistan veel profijt van een digitale simulatietool. Nu kunnen ze alvast in Nederland wat trainen. Het kan een goed idee zijn om een specialistische tool te kiezen ipv een generieke tool.

leren_maken_managen

Er zijn tools om te leren, te maken en te managen. Twitter is een tool om me te leren. Easy-generator, Wimba Create, Lectora en eXe zijn tools om cursusmateriaal mee te maken. Een elo is om leertrajecten van groepen studenten mee te managen. In diverse groepjes worden diverse eigenschappen van tools opgesomd. Deze worden vervolgens na enige discussie in een overzicht op een digitaal bord ondergebracht. Diverse tools worden aansluitend op basis van eigenschappen een mindmap ingedeeld in diverse categorieën. In koppeltjes van twee/ drie  worden de diverse categorieën verder met tools aangevuld. Tijdens de dag van de tools gaan we hands-on aan de slag met easygenerator, het maken van clip-art,  audio en videoverwerking. Er passeren diverse digitale tools ter inspiratie.

Voor het maken van screencaptures is

  • Snag-it een verplichte applicatie (mac / PC) om schermafdrukken te maken. Tevens zit er een deel in om eenvoudige schermopnames te maken. (kosten 47,95 €) http://www.techsmith.com/snagit.html
  • Screenr, een online applicatie om eenvoudig schermopnames te maken.(gratis) http://www.screenr.com/

Als je een webinar moet organiseren zijn er diverse opties:

Wat zijn redenen om voor het een of voor het ander pakket te kiezen? Kosten, wie is eigenaar van de data, eenvoud van dataflow, eenvoud van werken of is het gebruiksgemak?

 

Leerstandaarden zijn technische afspraken met betrekking tot uitwisselbaarheid en het zoeken van gegevens. Termen: SCORM, Qti, IMS, IEEE, ISO, AICC, NL LOM vliegen voorbij. De inzet en uitwisselbaarheid van SCORM pakketten blijkt bij diverse cursisten in de dagelijkse praktijk niet altijd even transparant. Laat ik zelf daar maar eens een volgend bericht aan wijden. Ervaringen van andere instituten op gebied van de inzet van SCORM zijn van harte welkom. Marcel sluit af met een advies in het kader van leerstandaarden. Als je gebruik wilt maken van e-learning: zorg dat je je eigen bronbestanden hebt, heb de beschikking over dezelfde auteursomgeving. Dan ben je in staat om deze  snel aan te passen. Anders ben je, bij een keuze voor uitbesteden, erg afhankelijk van de partij die e-learning materiaal maakt. De avond is weer voorbijgevlogen. Op 26 februari treffen we elkaar weer bij een webinar over “leerstijlen en e-Learning” achter de webcam.

Tot dan!

Het groeiende gezicht van Teclab

Vorige week dinsdag was er een scholingsbijeenkomst rondom het gebruik van video in e-Learning bij Fontys. Een van de opdrachten was het omschrijven van een mogelijk idee voor een te maken video. Collega studiegenoten gaven vervolgens feedback op dat idee. Door die feedback werd je idee enigszins aangescherpt.
Bij Teclab heb ik momenteel een rol rondom de inrichting van de ELO Fronter. Het idee wat die dag bij me opborrelde was het maken van een video rondom de voortgang van Teclab.

logo_teclab

De omschrijving van dat idee was als volgt:
Teclab, ontstaan uit het Summa College en Brainport Industries, stelt kennis, productie- en onderzoekfaciliteiten ter beschikking aan bedrijven. Docenten vervullen daarbij een cruciale rol. Van hun up-to-date kennis en didactische vaardigheden profiteren niet alleen studenten. Ook medewerkers van bedrijven kunnen door hen worden bijgeschoold.
Momenteel wordt er hard gewerkt aan de inrichting van Teclab. Cursusaanbod wordt samen met het bedrijfsleven gedefinieerd en vormgegeven. Het gebouw aan de Frederiklaan  wordt op de begane grond ingericht als een geavanceerd machinepark. Daarnaast wordt er een gebouw S2 genaamd op het terrein van de TU/e ingericht. Een ondersteunende leeromgeving krijgt infrastructuur en vulling.
Het is van belang om alle partijen betrokken bij Teclab over de gemaakte vorderingen te informeren. Een video kan daarin uitkomst bieden. Gemeente Eindhoven, Summa College en Brainport met partners uit het  bedrijfsleven krijgen op deze wijze zicht op de voortgang.
De dag erop heb ik de omschrijving van het idee aan de directeur van Teclab, Hans van Brussel, laten zien. Hij was enthousiast over de opzet en ik kon aan de slag.
Na enige op- en aanmerkingen vanuit Rekers- en van Noppen en een verzoek voor aanpassing van Hans zag een 1.0 versie van "het groeiende gezicht van Teclab" gisteren het licht.

Deze video zal binnen afzienbare tijd getoond worden op de website van Teclab.
Naast publicatie op de website van Teclab is de video binnen de electronische leeromgeving Fronter maar ook op deze weblog te bekijken. Enjoy!

Leuk, zo'n video als eerste opbrengst van m’n studie….

Eenvoudiger georganiseerd en aantrekkelijker beroepsonderwijs

Afgelopen donderdag was ik deelgenoot van een sessie waarin de diplomeringseisen in het MBO werden besproken. De overheid heeft in het verleden het besluit genomen om deze eisen per cohort (lichting) studenten te laten variëren. Een cohort is gekoppeld aan een startjaar van een opleiding. Oftewel een lichting studenten van het ene jaar kent andere eisen dan die van een andere jaar. Die eisen betreffen  taal en rekenen, loopbaan en burgerschap maar ook eisen gesteld aan het beroep (het kwalificatiedossier). Niet-ingewijden snappen niet waarom dit allemaal zo complex gegroeid is. De eerste paar jaren zal dit zeker nog zo blijven.
Op vrijdag kreeg ik een bericht van de algemene rekenkamer onder ogen. Hierin stelde men dat het administratief aantonen van 850 uur aangeboden onderwijstijd weinig verband had met de kwaliteit van het onderwijs. Het leidt vooral tot een grote hoeveelheid papierwerk.

Al surfend kwam ik dit weekend diverse publicaties over het Fins onderwijs tegen. De eenvoud van organisatie en ruimte voor professionalisering van onderwijsgevenden staat daarin centraal. Ik lees in de diverse stukken veel waardering voor de Finse onderwijsfilosofie. Uit een artikel van collegae van het Leeuwenborgh instituut uit Limburg haal ik de volgende passages: 

 “Finland kent wel wetgeving en een curriculum waar het onderwijs aan moet voldoen maar er is geen onderwijsinspectie. Leerkrachten worden universitair opgeleid en men vertrouwd op de professionaliteit van de leerkracht om het curriculum te volgen. Er ligt een sterke focus op zelfevaluatie en externe evaluatie van ouders en collega’s. Verder heeft de leerkracht veel vrijheid om zijn lessen naar eigen visie in te richten. De jaartaak van een docent wordt gerealiseerd binnen 190 werkdagen (38 weken) er zijn 12 vakantieweken. Een fulltime baan heeft tussen de 16 (talen) tot 24 lessen van 45 minuten per week. Na elke les van 45 minuten is er een pauze van 15 minuten. Er zijn zo’n vijfhonderd instellingen voor beroepsonderwijs die jaarlijks onderwijs verzorgen voor 200.000 studenten. De instellingen voor beroepsonderwijs lopen altijd achter met de modernisering van hun uitrusting, omdat de meest  vooruitstrevende werkgevers veel eerder kunnen overgaan tot vervanging van machines en apparatuur. Het is dan ook noodzakelijk dat essentiële onderdelen van de praktijkopleiding worden verplaatst naar die vooruitstrevende ondernemingen.”

Ik krijg bij het Finse model enige visioenen van de tijd van weleer. Toen ik mijn onderwijs carrière in 1984 bij de middelbare Detailhandelsschool begon, kenden we slechts één breed georiënteerd eindexamen. Dat bestond uit een mondeling en een schriftelijk deel. Diverse kernvakken maakten allemaal deel uit van het examen. Het diploma werd uitgereikt op basis van dat afgelegde eindexamen. In de eerste en tweede leerjaren werd er gestaag naar het eindexamen toegewerkt. Iedere docent en student was op de hoogte van hetzefde einddoel. We kenden een adjunct-directeur die tevens lessen verzorgde. Er was voldoende tijd voor experimenteren met je onderwijs. Andere collegae woonden je lessen bij. Je nam tijd om met je collegae over je didactische aanpak te discussiëren.
tvvm

Terug naar vroeger is natuurlijk geen optie. Onze jeugd, onderwijscorps en (onderwijs)cultuur veranderen in de tijd met een hoge snelheid.
In het regeringsakkoord kom ik enige uitspraken tegen rondom prestatieafspraken in het MBO, volle roosters en uitdagende opleidingen, een stofkamoperatie om het aantal administratieve verplichtingen en voorschriften voor verantwoording worden  verminderd. Gratis schoolboeken worden afgeschaft en de eisen van bekwaamheid uit het Lerarenregister en de bijscholingsplicht van docenten worden met ingang van 2017 wettelijk verankerd.
Het zou inderdaad mooi zijn als het aantal administratieve verplichtingen op termijn zal verminderen. Echter van binnen bekruipt me het gevoel dat we nog een heel eind van de Finse aanpak op basis van vertrouwen afstaan. Het regeerakkoord van nu kent een ondertoon van presteren en meten. Recent genomen initiatieven zoals the crowd bevestigen het tekort aan aandacht voor professionalisering in het hedendaags onderwijs. Ik heb me vandaag bij the crowd aangemeld en ben erg benieuwd hoe dit initiatief zich verder zal gaan ontwikkelen. Ik ben namelijk niet te beroerd om in m’n vrije tijd een avondje scholing voor diverse collega's te gaan verzorgen. Mogelijk dat ik dan iets ga doen met e-Learning?

Onderwijs: “never a dull moment”.